• HOME
  • ONS RESTAURANT
    • ONS PAND
    • ONS TEAM
    • FOTO-IMPRESSIE
    • HET NARRENSCHIP VAN JEROEN BOSCH
    • VACATURES
  • MENU
    • MENUKAART
    • WIJNKAART
    • DESSERTKAART
    • KOFFIEKAART
    • MENU'S VOOR GROEPEN
    • ENGLISH MENU
      • MENU
      • GROUPMENU
      • DESSERT
      • COFFEE
  • RESERVEREN
  • DINERBON
  • NIEUWSBRIEF
  • GASTENBOEK
  • CONTACT/ROUTE
    • CONTACT
    • ROUTEBESCHRIJVING
  • LINKS
    • EVENEMENTEN 's-HERTOGENBOSCH
    • NOORD-BRABANTS MUSEUM
    • JHERONIMUS BOSCH ART CENTER
 

Het Narrenschip van Jeroen Bosch

Een prominent onderdeel van de inrichting van ’in de Bossche Eetkaemer‘ is een replica van een schilderij van Jeroen Bosch, welke werd verwerkt tot drieluik. Om precies te zijn gaat het hier om ’Het Narrenschip‘, een schilderij vol symboliek dat uitstekend past in de Bourgondische sfeer van ’in de Bossche Eetkaemer‘.

Drieluik Het Narrenschip

Jeroen (Jheronimus) Bosch werd (waarschijnlijk in 1453) geboren in ’s-Hertogenbosch als Jeroen van Aecken. Zijn vader en grootvader waren beiden schilders in dezelfde stad en Bosch heeft er blijkbaar zijn hele leven gewoond. Toen hij in 1516 overleed werd hij in Den Bosch begraven.

Tijdens zijn leven maakte Jeroen Bosch zo‘n 25 schilderijen waaronder een aantal drieluiken. ’Het Narrenschip‘ moet gezien worden als een parodieke uitbeelding van liederlijk gedrag van de geestelijken. In een vreemde schuit met een boom als mast en een tak als roer zitten een monnik, twee nonnen en een groepje boeren te brassen. Een zedeloos leven gevuld met drank en het genieten van verboden spijzen. Omwille van de nar in de mast kreeg het schilderij de naam ’Het Narrenschip‘. Of dat wat Bosch hier uitbeeldt teruggaat op ’Het narrenschip‘, een spotdicht van Sebastiaan Brandt uit 1494 of op het gedicht ’De blauwe schuit‘ van Jacob van Oestvoren dat in 1413 te dateren is, blijft onduidelijk. Uit beide werken zijn namelijk elementen te herkennen, zoals de uit een nap drinkende nar die in een boomtak aan boord van het bootje zit en die het werk de naam ’Het narrenschip‘ heeft bezorgd. De non en de monnik komen echter overeen met een passage uit ’De blauwe schuit‘; maar de boot is hier niet blauw geschilderd.

Veeleer lijkt de schildering de draak te steken met het idee ’de schip van de kerk‘. Door het schip te laten varen onder de rode banier met de gulden halve maan, de vlag van de Turken en volgens het middeleeuwse gedachtengoed van de ketterij in het algemeen, levert hij in ieder geval scherpe kritiek op de geestelijkheid. Hetzelfde geldt voor de nar. De kerel is beschonken en parodieert daarmee het gedrag van zijn heren. De monnik en de twee nonnen verzaken aan de waardigheid van hun geestelijke staat om aan de slemppartij te kunnen deelnemen. De non speelt op een luit, terwijl de geestelijke en de andere mensen in de boot zingen; of trachten zij te happen in de koek die in het midden aan een touw bengelt?

Dat de muziek hier - zoals in de Middeleeuwen gangbaar was - wordt beschouwd als het voorspel van de liefde, blijkt onder meer uit de aanwezigheid van het bord met kersen dat algemeen gold als een erotisch symbool. Behalve omwille van haar onkuisheid wordt de geestelijkheid nog gehekeld voor een tweede hoofdzonde, de gulzigheid. De boer die de mast inklimt om de gebraden gans los te maken en de man die over de rand van de boot zijn maag leegbraakt, vormen daar wel de meest sprekende voorbeelden van. Aan de andere kant van de boot ligt een man die vastgegrepen wordt door een vrouw met een kruik in haar handen. Wil ze hem nog verder dronken voeren of de kruik op zijn hersenpan stukslaan?

Een man met een mes tracht vanuit het gebladerte een stuk gevogelte dat in de mast hangt te bereiken. Eigenlijk is vrijwel het gehele uitgelaten gezelschap aan het slempen geslagen, inbegrepende twee zwemmers die zich aan de rand van de boot vastklampen of een drinknap omhoogsteken. De kersen, de kruiken, het gevogelte en de vis die zich in het werk bevinden zijn allemaal symbolische toespelingen op het thema van het werk: namelijk een losbandig leven.

Het hoge formaat van ’Het Narrenschip‘ doet vermoeden dat dit één van de panelen moest vormen van een drieluik, waarvan Bosch er minstens 7 anderen heeft gemaakt. ’Het Narrenschip‘ werd in 1918 door Camille Benoit geschonken aan het Louvre. Een mogelijk ander deel van het drieluik, ’Allegorie van de gulzigheid en de onkuisheid‘, bevindt zich in New Haven.
Bronnen: website Bosch Universe en Kunst & Antiek Journaal.


Sitemap   |   Disclaimer   |    © 2008 - Bemaco Design - All rights reserved
Valid XHTML 1.0 Transitional Valid CSS!